‘Abel en Olle’ van Janneke Schotveld, illustratie Martijn van der Linden, Querido, 8+
Deze bespreking stond op 11 april 2026 in het Friesch Dagblad

Biggetje Olle houdt vol dat hij en de andere varkens onderweg zijn naar ‘het land van Stro en Modder’. Stiekem weet Olle wel beter. Net als vrachtwagenchauffeur Abel die zijn dagelijkse lading biggen moet afleveren bij de slachterij. Hij moet van de snelweg af bij afslag 7, die hij in gedachten altijd ‘afslacht 7’ noemt. Dit keer rijdt hij de afslag telkens voorbij omdat Olle hem nog een verhaal wil vertellen. Het biggetje is op de bijrijdersstoel gekropen, blijkt te kunnen praten en babbelt honderduit. Over het varken Pigcasso dat kan schilderen én een vorm van tovenarij waarbij de situatie van varkens en mensen wordt omgewisseld. ‘Het hele dorp werd wakker in de stal zonder ruimte om te bewegen’. De gezellige verhalen van Olle leiden de chauffeur zo af dat hij steeds de afslag mist en een extra rondje moet rijden om bij het slachthuis te komen. Iets met uitstel en afstel.

Het is vanaf het begin van Abel en Olle duidelijk wat Janneke Schotveld het biggetje probeert te laten doen. Twijfel zaaien bij die niet onaardige chauffeur die ook maar gewoon zijn werk doet. Als Abel besluit Olle mee naar huis te smokkelen, weigert het biggetje. Het verandert immers niks want er zullen nog steeds dagelijks duizenden biggen worden geboren om als vlees te eindigen. Olle zegt: ‘Ik bén al die biggen’. Chauffeur Abel snapt eerst niet wat die big ‘nou filosofisch zit te bazelen.’ Maar dan dringt de boodschap tot hem door en neemt hij een radicaal besluit. Eén biggetje redden maakt het verschil inderdaad niet.
Het speelse verhaal over de bio-industrie is activistisch op een ongedwongen manier en laat kinderen zelf nadenken over wat hier gebeurt. Ze zullen meeleven met de chauffeur die steeds meer gewetensbezwaren krijgt, zonder dat het zo wordt benoemd. De scenes in het slachthuis grijpen naar de keel. De nuchtere en geestige verteltoon en de realistische prenten met een dromerig tintje van Martijn van der Linden bieden een opgewekt tegenwicht.


