‘Else – het eigenwijze leven van kinderboekenschrijfster Els Pelgrom’ van Sanne van Heijst, Atlas Contact
Deze bespreking stond op 30 april 2026 in het Dagblad van het Noorden en focust zich vooral op de Groninger jaren van Els Pelgrom.

Het boterde al een tijdje wat minder tussen Els en haar echtgenoot Karl Pelgrom. Het stel is in 1974 na omzwervingen door de provincie Groningen neergestreken in een stadsvilla aan de Sterrebosstraat. Els wil nu eindelijk dat boek afschrijven waar ze in 1960 al mee is begonnen maar dat lukt niet door de spanningen thuis. Ze besluit een paar weken te gaan logeren bij haar vriendin Annie Vriezen. De textielkunstenares is net gescheiden en woont in haar eentje in de Allersmaborg, een imposant landhuis dat in die tijd behoorlijk vervallen is. Op haar schrijfmachine tikt Pelgrom daar in een paar weken haar beroemde boek ‘De kinderen van het achtste woud.’
Drie Gouden Griffels
Het boek vormt haar doorbraak en het begin van een periode waarin Els Pelgrom een van de meest vooraanstaande kinderboekenschrijvers van ons land is. Ze luidt een nieuwe periode in waarin problemen in kinderboeken naar de achtergrond verdwijnen en het literaire op de voorgrond treedt. Maar liefst drie keer wint ze een Gouden Griffel (alleen Guus Kuijer krijgt er eentje meer). Na ‘Kinderen van het achtste woud’ in 1978 ook voor ‘Kleine Sofie en Lange Wapper’ (1985) en ‘De Eikelvreters’ (1990).
Het is bijzonder dat Van Heijst een biografie schrijft over iemand die nog leeft. Els Pelgrom werd vorige maand 92 jaar en had haar bedenkingen over een biografie. Toen ze erachter kwam dat ze het niet kon verbieden, werkte ze volop mee aan de geschiedschrijving van haar leven. Het levert een uitermate onderhoudend verslag op van een zeer verhuislustige vrouw. Pelgrom woonde lange tijd in Spanje en later in Portugal en bleef zich altijd verbonden voelen met Amsterdam, waar ze nu in een wooncomplex voor senioren woont. Maar er was ook die niet onbelangrijke periode in Groningen in de zestiger en zeventiger jaren, waar Van Heijst veel aandacht voor heeft.
Frank Zappa en Jimi Hendrix
Els Pelgrom heet van geboorte Else Koch, ze is de halfzus van schrijver Herman Koch. Ze had moeite met volwassen worden, analyseert de biografe. Dan zou ze niet meer kunnen spelen. Misschien is dat wel de reden dat ze zich aangetrokken voelt tot kunstenaars, want die houden ook nooit op met spelen. Els treedt in het huwelijk met beeldhouwer Karl Pelgrom, met wie ze halverwege de jaren vijftig naar het Drentse Sleen vertrekt. Daar schrijft ze haar debuut ‘Het geheimzinnige bos’, dat niet veel aandacht trekt. Terug in Amsterdam vindt het echtpaar geen rust. Eind 1962 gaan ze in op een aanbod van ‘kunstboer’ Albert Waalkens om in zijn boerderij in Beerta te komen wonen. Karl voelt zich er thuis en wordt snel onderdeel van de Groninger kunstscene, maar Els moet erg wennen. Volgens haar worden ze in Beerta als een soort dorpsgekken gezien; toch wordt het kunstenaarsgezin welwillend in de gemeenschap opgenomen. Voor vier gulden per week huren ze een arbeiderswoning waar Karl het ‘Instituut voor creatief werk’ opstart, dat veel kunstenaars aantrekt en al snel de trekken van een commune krijgt, al zijn ze volgens Els wars van vrije seks. Uit de ramen van de boerderij schalt de muziek van Frank Zappa en Jimi Hendrix en een tijdlang siert een portret van Karl Marx de voordeur. Boer Koekoek stelt Kamervragen over de ‘ongezond parasiterende levenswijze’ van de kunstenaars die volgens hem betaald werk moeten zoeken.
Literaire emancipatie
Els werkt een tijdje voor de Winschoter Courant en Karl geeft les aan de kunstopleiding Minerva in Groningen, maar nadat het huwelijk strandt, verlaat het stel Groningen. Eindelijk kan Els Pelgrom zich helemaal richten op het schrijven van kinderboeken en wordt gezien als een van de aanjagers van de literaire emancipatie van het kinderboek. Kinderboeken hoeven niet langer opvoedkundig en moralistisch te zijn. ‘Kleine Sofie en Lange Wapper’ gaat over een meisje dat terminaal ziek is, op reis gaat met haar poppen en sterft. Naast veel lof en de bekroning is er ook weerstand, vooral vanwege het tragische einde. Pelgrom stelde dat mensen niet zo krampachtig moesten dood over de dood.
Els Pelgrom heeft nooit volop kunnen genieten van haar succes. Hoe dat komt, weet ook haar biografie niet echt te duiden. Dat ze na haar grote successen ook al vrij snel weer in de vergetelheid is geraakt, past ergens wel bij de schrijfster. Het is niet meer dan terecht dat Els Pelgrom met deze evenwichtige biografie weer een podium krijgt, daar is haar werk belangrijk en mooi genoeg voor. Het levert zelfs nog meer op: Pelgrom duikelde haar dagboeken op en typte ze in coronatijd uit voor de biografe. Binnenkort verschijnen ze in de Privédomein-serie.


