Stinkdier en das van Amy Timberlake, illustraties Jon Klassen, vertaling Robbert-Jan Henkes, Hoogland & Van Klaveren, 6+
Deze bespreking stond op zaterdag 23 mei 2026 in het Friesch Dagblad

Meteen na de stilistisch sterke openingsalinea weet je dat er een begenadigd schrijver aan het werk is. Das gooit direct de deur dicht als Stinkdier bij hem aanklopt omdat hij ’te stralend van streep’ was en ’te opgeklopt van staart.’ ‘En dan die glibbergrijns en de manier waarop hij zijn poot uitstak alsof hij al zó lang met Das had willen kennismaken’.
Das zit helemaal niet op bezoek te wachten, laat staan op een nieuwe huisgenoot. Hij is stenenwetenschapper en verzamelaar en leeft in zijn eigen wereldje in het huis dat hij van zijn tante mag bewonen. Haar brieven maakt hij niet open en dus heeft hij gemist dat ze de komst van Stinkdier aankondigde. Hij mag van tante Lula ook in het huis wonen. Stinkdier snapt de paniek van Das wel, immers ‘niemand zit te wachten op een stinkdier.’ Stinkdier is in vrijwel alles het tegenovergestelde van Das. Hij is uitbundig en gastvrij en neemt het leven niet te zwaar. Het levert komische ruzies en situaties op in een verhaal over een ukelele, de Kwantumsprong en kippen, heel veel kippen.
Het eerste deel van Skunk and badger van de Amerikaanse schrijfster Amy Timberlake stond in 2020 op meerdere krantenlijstjes inde VS bij de beste kinderboeken van dat jaar. Er verschenen nog twee delen en met een beetje geluk brengt uitgeverij Hoogland & Van Klaveren die ook uit. Hopelijk laten ze die weer vertalen door Robbert-Jan Henkes want wat een hogeschool-vertaling is dit. De mafheid, de geestigheid en de grote taligheid van de originele tekst blijft fier overeind en heel eigen in het Nederlands. Henkes maakt er ‘stenen beenklagers’ en ‘de slag bij Kakelbont’ van en laat een Hermelijn-o-gram bezorgen.
(tekst loopt door onder de afbeelding)

Niet in de laatste plaats is dit boek bijzonder door de illustraties van Jon Klassen, de kersverse winnaar van de Astrid Lindgren Memorial Award, de Nobelprijs voor Jeugdliteratuur. Er staan er niet heel veel in maar de paar tafereeltjes geven veel sfeer en gevoel mee bij het verhaal.
Natuurlijk loopt het uit de hand tussen beide dieren en uiteraard komt het min of meer weer goed. Invoelend en ontroerend zijn de laatste hoofdstukken waarin Das belangrijke zelfinzichten verwerft en zich realiseert dat hij moet veranderen. ‘Zijn gedrag had hem dingen onthuld over hemzelf die hij liever niet had willen weten maar nu toch wist.’ Het lijkt erop dat hij erin gaat slagen om zijn patronen te doorbreken. Daar lezen we vast meer over in het volgende deel.


